Nieuwbouw

 

 

 

De nieuwbouw, wat is er al gebeurd en wat gaat er nog gebeuren?

Er is de afgelopen periode hard gewerkt aan het ontstaan van de nieuwe school. Om een ieder beeld te geven van hetgeen de afgelopen periode is gebeurd dit artikel.

 

Het begin

In de aanloop naar de nieuwbouw zijn beide scholen begeleid door Jacqueline Schriel van het bureau Vastgoeddialoog. Dit bureau was betrokken bij het tot stand komen van het integraal huisvestingplan van de gemeente Delft waarin de nieuwbouwplannen zijn vastgelegd. Vanaf juni 2012 is er met hen gewerkt aan het plan van eisen en werden er ideeën uitgewisseld over hoe die nieuwe school er uit zou moeten zien. In september 2012 werden er enquêtes gehouden onder leerlingen en personeel. Ook zijn er enkele schoolbezoeken afgelegd om inspiratie op te doen. In februari 2013 hebben verschillende werkgroepen, vanuit het personeel, overlegd met Anneke Mezger van de Royal Haskoning DHV over de nieuwbouw. Op basis waarvan het definitieve plan van eisen is vastgesteld. Op 22 augustus 2013 presenteerden een vijftal architectenbureaus hun visie op de nieuwbouw van de SC-Delfland. Het architectenbureau Dp6 is daarbij als winnaar uit de bus gekomen.

 

Structuurontwerp

Vanaf september heeft DP6 in overleg met gemeente, toekomstige gebruikers  en adviseurs, zoals de Stadsbouwmeester en de supervisor van de Spoorzone, gewerkt aan het structuurontwerp voor de school. Het eerste ontwerp (structuurontwerp) is afgerond op 8 november 2013 en vervolgens voor advies aan de school en een aantal adviseurs voorgelegd. 

Het structuurontwerp is ook besproken in de Kwaliteitskamer van de gemeente Delft, een soort Welstand+. Deze was positief over het ontwerp, maar had ook enkele aandachtspunten, dit betrof:   

  • de verbinding met de achterliggende woonwijk door een bruggetje,
  • de uitvoering van de hoek waar het “Huis van de Toekomst” komt,
  • de ‘dakgevel’. Men wil daarop geen lelijke elementen, zoals installaties.

Ook wilde men geen verstorende elementen in de fraaie open ruimte die het schoolplein moet bieden. Nu rekening houden met de opmerkingen vanuit de Kwaliteitskamer maakt dat later de Welstand-toets eenvoudiger kan worden doorstaan.

 

In het structuurontwerp-overleg eind november 2013 met de docenten en de staf werden de volgende zaken genoemd:  

  • de plaats van de lift in relatie tot sportvoorziening en school,
  • de balie bij de ingang (tochtsluis),
  • de bergingen bij Dienstverlening (doorkijk naar de leskeukens),
  • het ontbreken van een koelcel bij de leskeukens,
  • meer ruimte voor boekenuitgifte (bibliotheek), reproruimte iets kleiner,
  • toiletten Dienstverlening binnen het domein brengen,
  • pantry bij Commercie binnen de docentenruimte brengen,
  • de afsluitbaarheid van de eerste verdieping,
  • de planning van de toiletten en de berging op de 2e verdieping aanpassen, zodat deze binnen het domein komen,
  • toiletten t.b.v. bezoekers sporthal op 2e verdieping,
  • het buitenterras op het dak.

 

De Gemeente wilde in deze fase graag aandacht voor:

  • de afstand tot, en de relatie met de naastgelegen woonbuurt,
  • de materialisatie/uitvoering van de gevel: uitstraling in combinatie met het onderhoud,
  • een kwalitatief hoogwaardige inrichting van het schoolplein,
  • de locatie en uitvoering van de fietsenstalling,
  • geen verstorende elementen in de fraaie open ruimte die het schoolplein biedt
  • het budget.

Zowel de school als de gemeente stemmen eind november 2013 in met het structuurontwerp en met de in deze notitie vermelde aanwijzingen aan de architect voor de volgende fase (Voorlopig Ontwerp - VO).

 

Demarcatie SC Delfland 

Omdat de gemeente bouwheer (opdrachtgever) is, betaalt zij  rechtstreeks de bouw. Vooraf moet daarom duidelijk worden welke onderdelen door de gemeente bekostigd worden en welke niet. Dit gebeurt in een zgn. demarcatielijst.

De demarcatielijst geeft duidelijkheid over het bouwbudget voor de architect en over de onderdelen die de scholen zelf voor hun rekening moeten nemen.

Op basis van de gecalculeerde kosten kunnen op onderdelen besluiten worden genomen. 

Neem als voorbeeld de inrichting. Deze is al eerder door de gemeente vergoed als ‘eerste inrichting leermiddelen en meubilair’. Een nieuwe inrichting zal dan voor rekening van de schoolbesturen komen. Andere onderdelen die worden vastgelegd in de demarcatielijst zijn o.a. de inrichting van de gymzaal, de kluisjes, de inrichting van de keukens, het toiletgarnituur, de bewegwijzering, een duurzaam verlichtingssysteem, het telefoon- en datanetwerk etc.

Binnen het bouwbudget is aanvankelijk gerekend met een verhard deel het zgn. I-Field (een interactief veld met aanpasbare belijning) en een onverhard deel, de basisaanleg van een voetbalveld en een basketbalveld, een fietsenstalling voor docenten en fietsenrekken voor leerlingen. Bij het vaststellen van het definitieve ontwerp (DO)moeten hierin keuzes worden gemaakt. 

 

Voorlopig ontwerp (VO)

De school  is nog niet gebouwd, maar mag zich al direct verheugen in de belangstelling vanuit de samenleving. Zo wil de Koninklijke Harmoniekapel repetitieruimte huren in de nieuwbouw van de SC-Delfland.  Dit past bij de ambitie van de school en de gemeente om verbindingen met de stad te zoeken en men juicht dit dan ook toe. Toch wordt er uiteindelijk besloten om dit in deze fase niet mee te nemen. Het gebouw is tamelijk compact ontworpen en biedt weinig ruimte voor de speciale voorzieningen (extra bergingen, geluidswering etc.) die deze gebruikers behoeven. In het bouwbudget is hier helaas ook geen ruimte voor.

 

De buitenruimte

In december 2013 is het BioRio project (high tech rioolzuiveringsinstallatie) besproken.  

De gedachte was BioRio als ‘High Tech’- innovatie in de nieuwbouw in te zetten. 

Uiteindelijk is dit initiatief niet doorgezet. 

Ook het I-field, een interactief verhard schoolplein annex sportveld, is in het voorlopig ontwerp geen haalbare kaart gebleken, bij gebrek aan externe financiering.

Voor het onderbrengen van de laagspanningstrafo voor de HTM (onderstation) is een gebouwtje noodzakelijk aan de buitenkant van het schoolterrein. In dit ‘poortgebouwtje’ komen een berging voor het buitenspelmateriaal en mogelijk een docentenfietsenstalling. 

De voorkeur van de gemeente gaat uit naar maximaal medegebruik van het sportveld (en het schoolplein) door de buurt, dus met wandelbrug en -pad langs het water en een sportveld door een (laag) hek gescheiden van dit pad. Intensiever gebruik van het sportveld en het plein stellen hogere eisen aan de kwaliteit en inrichting van deze voorzieningen. Het is momenteel nog niet duidelijk wat de aard van het sportveld zal zijn (gras, kunstgras of hardcourt).

De school is vóór medegebruik door de buurt maar stelt zich wel op het standpunt dat het open karakter en het medegebruik goed beheersbaar moeten zijn. Eén en ander mag niet leiden tot extra kosten of grotere inzet door de school. Andersom kan een directe verbinding met de wijk overdag leiden tot overlast voor buurtbewoners met alle gevolgen van dien. 

De school is dus geen voorstander van de verbinding met de wijk d.m.v. een bruggetje.

Buurtjongeren die in de avonduren en de weekenden gebruik maken van het sportveld of het plein zorgen, mogelijk, ook voor wat overlast. Hierbij moet men denken aan extra slijtage van het sportveld, zwerfvuil op het terrein, graffiti, vandalisme en dergelijke.   

De gemeente wil de school compenseren voor de extra kosten die dit met zich mee kan brengen. Er zal nog worden uitgezocht wat in een dergelijke situatie als redelijk kan worden aangemerkt.

Ook de fietsenstalling moet nog nader worden uitgewerkt: de beschikbare ruimte is voldoende om 4 rijen met 2 tussenpaden te maken (ca. 320 plaatsen). Als gebruik gemaakt wordt van dubbellaagse’ rekken kunnen er ca. 640 fietsen worden geplaatst. In de buitenruimte betekent dit wel dat het open karakter van het plein flink wordt beïnvloed. Verder zal een deel bestaan uit brommers (1 brommer = ca. 4 fietsplekken). In het PVE (plan van eisen) is opgenomen dat voor het personeel een afgeschermd deel nodig is hierbij denkt men aan het poortgebouwtje.

De aansluiting op de Van Bleyswijckstraat is nog een punt van nadere uitwerking.

Hier moeten tenminste twee invalidenparkeerplaatsen voor de school en de sporthal worden ingepast. 

Vanuit de school is gevraagd naar mogelijkheden om reclame op de gevel aan te kunnen brengen (bijvoorbeeld rond het Open Huis).  Deze reclame-uiting c.q. dit spandoek kan in een horizontaal frame/raamwerk komen dat in een hoek op de muur staat.

 

Het gebouw 

Tijdens de voorlopig ontwerpfase zijn tijdens een aantal sessies kanttekeningen gemaakt. 

De verschillende vaksecties en een vertegenwoordiging van de AVO docenten is enkele malen uitgenodigd om, in het bijzijn van de architect, te reageren op de voorliggende tekeningen. Daarnaast zijn er enkele algemene bijeenkomsten geweest, waar collega’s kennis konden nemen van de tekeningen en vragen konden stellen over de nieuwbouw. 

Op basis van de door het personeel gemaakte opmerkingen zijn de tekeningen meerdere malen grondig aangepast.

Aanvankelijk was het plan de constructie van het gebouw zodanig te maken dat er later nog een verdieping bovenop gebouwd zou kunnen worden. Om binnen het bouwbudget te blijven, heeft men dit plan laten vallen. Ook kiest men, om dezelfde reden, voor een andere constructie van de vloeren en worden binnenmuren recht afgewerkt i.p.v. rond. 

In de gevel worden de ronde ramen op de hoeken vervangen door ‘verkante ramen’ (vlakke ramen die in een bocht worden opgesteld). De daklichtconstructie wordt veranderd waardoor er meer lichtopbrengst in de vides en daarmee in het gebouw komt.

Het gebouw moet voldoen aan de eisen conform ‘Frisse Scholen’. De voorgeschreven 4 m2 spuiramen (ramen die kunnen worden geopend) per lokaal worden ingeruild voor 2 m2 onder voorwaarde dat het bespaarde budget wordt ingezet voor betere koeling (zie ook WKO).

De trap en de tribunetrap worden 180 graden gedraaid. Hiermee wordt bereikt dat de centrale hal ruimer oogt, dat de lichtinval beter is en dat de inloop op de eerste verdieping verbetert. Ook wordt de restaurantruimte, deels onder de trap gelegen, hierdoor groter. 

In de laatste fase van het VO is aan de gebruikers gevraagd aan te geven waar zij aansluitingen nodig hebben voor gas, water en elektra. Ook wordt door de constructeur (ABT) nog gekeken wat de belastbaarheid is van de vloeren en het dak van de sporthal  i.v.m. de te plaatsen, installaties, apparatuur en machines.

 

De sporthal

Begin april is gekeken naar het programma van eisen en de wensen m.b.t. de  inrichting van de sporthal SC-Delfland. Hierbij waren betrokken de gemeente, de school (staf en docenten LO), BCD en DAS (de hurende verenigingen). Uitgangspunt van de inrichting was soberheid en doelmatigheid. Duidelijkheid over het commitment van deze twee clubs is cruciaal voor de voortgang van het bouwproject. Indien de sporthal alleen gebouwd zou moeten worden voor de school zou deze kleiner kunnen worden uitgevoerd.

Als de school het juridisch eigendom en beheer krijgt over de sporthal, heeft dit verregaande consequenties door het gebruik in de avonduren en de weekeinden! Op dit moment wordt nog onderzocht wat de consequenties zijn en of de exploitatie kostendekkend kan plaatsvinden.

 

Het warmtesysteem

In de plaats van het geothermiesysteem dat in dit deel van de spoorzone zou komen, krijgt de wijk een verwarmingssysteem met behulp van een Warmte-Koude-Opslag (WKO). 

Dit vraagt om een aantal voorzieningen waaronder pompen. Deze worden buiten het schoolgebouw geplaatst, samen met het HTM-onderstation, in het poortgebouwtje. 

Een WKO maakt het ook mogelijk om ’s zomers koeling te leveren waardoor het binnenklimaat van de school op warme zomerdagen aangenamer blijft. 

Het WKO-systeem heeft een voorziening nodig die een zonnig oppervlak vraagt. 

Het dak van de school leent zich daar uitstekend voor. De school zou hiervoor een recht van opstal moeten verlenen en uiteraard moeten er afspraken over de eigendom van leidingen, het onderhoud e.d. komen. Onderzocht wordt nog of er een gunstige combinatie mogelijk is met zonnepanelen.

 

Definitief ontwerp (DO)

Het definitief ontwerp wordt n.a.w. vastgesteld op 22 juli 2014. Hierna kunnen er geen grote aanpassingen meer plaatsvinden in het ontwerp van het gebouw. Voor deze datum wordt het  concept DO nog eens doorgerekend en geraamd door de architect en daarna weer gecontroleerd door Arcadis (in opdracht van de gemeente).

 Na de controle van het DO en goedkeuring door de stuurgroep (gemeente, architect en school) begin september wordt nog aandacht besteed aan de benodigde vergunningen. 

Eind september is er dan de aanbesteding en vervolgens de gunning van het werk aan een aannemer begin volgend jaar.

Volgens Ron van Vliet, de projectleider van de gemeente, liggen we nog steeds goed op schema en is de verwachting dat het nieuwe gebouw medio 2016 kan worden opgeleverd…

 

Herman de Vries

14-07-2014